Twee getallen bepalen het grootste deel
De levensduur van een PVC projectvloer wordt vrijwel volledig bepaald door twee gegevens uit het technisch blad: de dikte van de slijtlaag en de gebruiksklasse volgens NEN-EN-ISO 10874. Alles wat daarna komt, van dessin tot merk, verandert daar weinig aan. Welke uitvoeringen er zijn en wat ze kosten, staat op PVC projectvloeren.
Die slijtlaag zit als een doorzichtige film over het dessin heen en vangt alle slijtage op; het materiaal eronder draagt alleen. Voor een kantoor is 0,55 mm de ondergrens. Met een dunnere laag slijt het dessin eerst weg op de looproutes, en dan is de vloer optisch op terwijl hij technisch nog heel is.
Wat dat in jaren betekent, hangt af van de belasting. In een kantoor met klasse 33 en een slijtlaag van 0,55 mm is tien tot vijftien jaar realistisch. In een gang of een kantine met dezelfde vloer is dat eerder acht tot tien jaar, en in een zone waar karren rijden nog korter. Wij zetten daarom in de offerte welke klasse en welke slijtlaag per zone is aangehouden, zodat over tien jaar nog na te gaan is wat er precies ligt.
In de praktijk gaat iets anders eerder stuk
Een vloer wordt zelden vervangen omdat het materiaal op is. Hij wordt vervangen omdat een paar plekken er slecht uitzien, en die plekken zijn voorspelbaar. Ze hebben alle vier te maken met de randen van de vloer en niet met het vlak.
De stoelwielen zijn daarvan de bekendste. Daar bestaat een eigen proef voor, EN 425, waarbij een wiel duizenden keren over het monster rijdt. Een vloer die daarop goed scoort, houdt onder een bureaustoel stand; een vloer die daar niet op getest is, krijgt binnen een jaar een matte baan.
Dat verklaart waarom twee panden met dezelfde vloer zo kunnen verschillen. Niet het materiaal maakt het verschil, maar de entree, de schoonmaak en het meubilair. In een pand met een schoonloopzone van vijf meter en de juiste wielen ligt dezelfde vloer jaren langer in dezelfde staat dan in een pand waar het zand tot aan de lift komt. Welke zone in een kantoor wat vraagt, staat per ruimte uitgewerkt op kantoorvloeren.
- Naden en lasnaden Waar vocht intrekt gaat het mis. Een gelaste naad in een natte zone houdt het langer vol dan een gestoken naad.
- De eerste meter bij de entree Zand werkt als schuurpapier. Zonder schoonloopzone slijt die meter twee tot drie keer zo snel als de rest.
- Plinten en aansluitingen Een losgetrokken plint of een opstaande rand is vaak de eerste zichtbare schade, en zegt niets over het doek zelf.
- Stoelwielen van het verkeerde type Harde wielen horen op tapijt, zachte op een harde vloer. Omgekeerd slijt de vloer onnodig snel.
Stroken of tegels: het verschil zit in wat erna kan
Dryback stroken en LVT-tegels gaan bij gelijke slijtlaag ongeveer even lang mee. Het verschil zit niet in de levensduur maar in wat er gebeurt als er na vijf jaar iets beschadigt, en dat bepaalt in de praktijk hoe lang u met de vloer vooruit kunt.
Bij tegels wisselt u het beschadigde stuk en loopt u verder. Bij stroken snijdt u een deel uit en komt er een naad bij, wat in een gang niemand opvalt maar in een vergaderruimte met strijklicht wel. Daar staat tegenover dat stroken tot een dicht vlak te lassen zijn, en dat is in een pantry of een doucheruimte precies wat u wilt.
De afweging is dus niet welk systeem beter is, maar welke ruimte u voor u heeft. In een kantoorpand ligt in de praktijk vaak allebei: tegels op de werkvloer en stroken in de natte zones. Dat kost bij aanleg niets extra en het scheelt bij de eerste beschadiging. Wilt u op de werkvloer juist demping in plaats van een harde vloer, dan is projecttapijt de afweging ernaast.
| Criterium | Dryback strokenVolledig verlijmd, houtlook | LVT-tegelsPer tegel te vervangen |
|---|---|---|
| Levensduur bij 0,55 mm | Tien tot vijftien jaar | Tien tot vijftien jaar |
| Schade herstellen | Strook eruit snijden, naad zichtbaar | Tegel wisselen, vrijwel onzichtbaar |
| Kleurverschil na jaren | Hele baan vervangen of niets | Zichtbaar bij losse tegel uit nieuwe partij |
| Naden in een natte zone | Lasbaar tot een dicht vlak | Meer naden, minder geschikt |
| Zwaar rollend verkeer | Doorlopend vlak, geen randen om te lichten | Tegelranden kunnen op termijn opstaan |
Wanneer vervangt u, en wanneer juist niet
Vervangen is zelden een technische beslissing. Meestal valt hij samen met een verbouwing, een nieuwe huurder of een huisstijlwijziging, en dat is ook het goedkoopste moment: de ruimte is dan toch leeg. Loopt er een verbouwing waarin meer vloeren meegaan, kijk dan naar het geheel; de materialen en hun toepassing staan op projectvloeren.
Puur op de vloer afgaand is er één duidelijk signaal. Is het dessin op de looproutes weg, dan is de slijtlaag doorlopen en helpt reinigen niet meer. Alles daarvoor is cosmetisch en vaak lokaal op te lossen; wachten is dan goedkoper dan een hele zone vervangen.
Wat die afweging vaak beslist, is het aantal keren dat er al hersteld is. Twee reparaties in dezelfde zone in een jaar kosten samen meestal meer dan de zone in één keer opnieuw leggen, en het resultaat is dan ook nog eens egaal. Houd dat bij, want losse reparaties verdwijnen in de onderhoudsbegroting zonder dat iemand ze optelt.
- Dessin weg op de looproute De slijtlaag is doorlopen. Vervangen is dan de enige optie.
- Naden die opstaan of vuil vasthouden Vaak lokaal te herstellen, zeker bij een gelaste naad.
- Blijvende indrukken van meubilair Kijk eerst naar de viltjes en de wielen; het doek is meestal niet het probleem.
- Doffe uitstraling Bijna altijd een reinigingskwestie, geen slijtage.
Houd een restant achter. Een halve rol of een doos tegels per kleur, opgeslagen in het pand. Een beschadiging herstellen met materiaal uit dezelfde partij is onzichtbaar; met een nieuwe partij ziet u het verschil altijd, ook bij hetzelfde artikelnummer.
Wat de levensduur echt verlengt
De maatregelen die het meest opleveren, kosten het minst. Ze gaan geen van alle over de vloer zelf maar over wat eroverheen komt, en ze zijn alle vier op de dag van oplevering te regelen.
Verreweg de belangrijkste is de entree. Zand is schuurmiddel, en het komt het pand binnen onder schoenen en wielen. Een schoonloopzone van drie tot vijf meter vangt het grootste deel af voordat het verder komt; korter dan drie meter en de meeste mensen hebben hun voeten nog niet afgezet.
Daarna komt de schoonmaak, en daar gaat het vaker mis dan bij het gebruik. Een agressief middel of een waslaag tast de fabrieksmatige beschermlaag aan, en dat is niet terug te draaien. Geef het reinigingsvoorschrift dat bij oplevering hoort door aan de schoonmaakdienst, en leg het ook vast als die partij later wisselt.
- Een schoonloopzone van drie tot vijf meter Zand dat daar blijft, komt niet op de rest van de vloer.
- Een neutraal reinigingsmiddel Een agressief middel tast de beschermlaag aan. Geef het reinigingsvoorschrift door aan uw schoonmaakdienst.
- Geen waslaag Projectkwaliteit heeft een fabrieksmatige beschermlaag. Wassen verandert de stroefheid en is meestal niet toegestaan.
- Viltjes en de juiste wielen Zachte wielen op een harde vloer, en viltjes onder alles wat verschoven wordt.
Beslisboom: vervangen of nog even door?
Loop deze vier vragen langs voor de zone waar het om gaat. Twee keer of vaker ja, dan is vervangen van die zone verstandiger dan opnieuw herstellen.
Is het dessin op de looproutes zichtbaar weg?
Zo ja → de slijtlaag is doorlopen en reinigen helpt niet meer.
Zijn er dit jaar twee of meer plekken hersteld in dezelfde zone?
Zo ja → herstellen kost dan meer dan de zone in één keer vervangen.
Staat er een verbouwing of een huurderswissel op de planning?
Zo ja → doe het dan, want de ruimte is op dat moment toch leeg.
Is het restant uit de oorspronkelijke partij op?
Zo ja → nieuwe tegels wijken in kleur af; plan dan per zone in plaats van per plek.